Een Peer is geen Ervaringsdeskundige

Op donderdag 9 november ben ik bij het mini symposium over peersupport bij suïcidaliteit geweest. Tijdens dit symposium werden er twee onderzoeken op dat gebied toegelicht, een Amerikaans onderzoek door Paul Pfeiffer (professor in the Department of Psychiatry at the University of Michigan) en een Nederlands onderzoek door Annemiek Huisman (Post-doc onderzoeker bij de RUG en VU).

Wat voor mij duidelijk is , is dat er zowel in Amerika als in Nederland nog veel onderzoek nodig is. Ik kan natuurlijk geen uitspraken doen over het Amerikaanse onderzoek, ik ben niet bekend met de gang van zaken daar, maar uit het Nederlandse onderzoek blijkt wel dat er ook binnen de wereld van de ervaringsdeskundigen nog veel onbekendheid is omtrent dit thema. Wij zijn op dit moment blijkbaar niet in staat om elkaar op de hoogte te houden van alle activiteiten die er ondernomen worden op dit gebied. Bij mij rijst dan automatisch de vraag of dit komt door het ontbreken van een goede landelijke informatievoorziening of door het feit dat we allemaal teveel met ons eigen eilandje bezig zijn. Maar dat terzijde.

Een andere betekenis

Wat mij wel duidelijk werd is het feit dat het Amerikaanse woord Peer iets heel anders inhoudt dan het Nederlandse ervaringsdeskundige. En dat verbaasd mij enigszins. Wij hanteren het woord ervaringsdeskundige als zijnde het equivalent van Peer. Maar daar waar wij ervaringsdeskundige gebruiken om aan te geven dat er gehandeld wordt vanuit eigen (psychische) ervaring, wordt Peer gebruikt om iedereen  die op wat voor manier dan ook ondersteuning en hulp biedt aan iemand met een kwetsbaarheid aan te duiden. En dat is volgens mij een wezenlijk verschil.

Pfeiffer legt uit dat peersupport 4 basisgroepen kent. Een van de basisgroepen is de relatie (de anderen weet ik niet meer en ik heb de presentatie nog niet ontvangen). In deze basisgroep is dan weer een onderverdeling gemaakt:

  • Bron van Peerness
  • Kracht van Peerness
  • Mate van herstel
  • Opleiding of training

Deze 4 sub indelingen worden dan ook weer onderverdeeld, de bron van Peerness kent dan de volgende categorieën:

  • De maatschappij
  • De subgroep (bijv. de wijk, een sportvereniging etc)
  • Organisatie/instelling (bijv. welzijnsorganisatie, zorginstelling)
  • Zorgafnemers
  • Eigen ervaring op het gebied suïcidaliteit

Als ik deze indeling bekijk dan is ervaringsdeskundige maar een klein onderdeel van het begrip Peer zoals die in Amerika gebruikt wordt. In mijn optiek zou de beste vertaling van Peer dan ondersteuner zijn. En dat bevat veel meer dan alleen maar ervaringsdeskundigheid. Dus waarom gebruiken wij dan het woord Peer en Peersupport als wij het over ervaringsdeskundigen hebben? Als wij het woord gebruiken om in het buitenland aan te geven wat een ervaringsdeskundige is, dan dekt het woord de lading absoluut niet. Er moet dan altijd nog weer extra uitleg gegeven worden, want een Peer kan ook een buurman of buurvrouw zijn en dat zijn niet altijd ervaringsdeskundigen.

Als we het woord Peer gebruiken in de zin van ondersteuner, dan klopt de indeling zoals Pfeiffer die hanteert als een bus. Gebruiken we het als directe vertaling/aanduiding van het woord ervaringsdeskundige dan gaat de hele indeling (in mijn ogen) niet op.

Oftewel: een ervaringsdeskundige is een Peer, maar een Peer is (niet altijd) een ervaringsdeskundige.

Het andere punt dat mij opviel in het onderzoek van Pfeiffer is de mate van training/opleiding van ervaringsdeskundigen. De ervaringsdeskundigen die in het onderzoek ingezet werden kregen een training van 4 dagen en dat was het. Het is mij niet duidelijk of dit algemeen was, of dat het hier ging om ervaren ervaringsdeskundigen die een extra training kregen rondom de inzet bij suïcidaliteit. Ik hoop op het laatste.

Activiteiten zijn onzichtbaar?

Tot zover het Amerikaanse onderzoek want er was ook een Nederlands onderzoek dat toegelicht werd. Wat mij daarin het meeste opviel was de mate van ondoorzichtigheid rondom activiteiten die betrekking hebben op het thema. Er waren rake uitspraken: ‘er zijn instellingen die geen ervaringsdeskundigen in willen zetten bij dit thema’. En dat klopt als een bus. Maar er werd ook aangegeven dat er eigenlijk niet tot nauwelijks ervaringsdeskundigen waren die zich (landelijk) inzetten rond het bestrijden van stigma rond dit thema. En dat klopt dan weer niet, die zijn er zeker wel, maar blijkbaar is dit bij ervaringsdeskundigen en hulpverleners niet bekend. En dat is dan weer jammer.

Annemiek Huisman en Diana van Bergen hebben onder andere als doel om een werkgroep neer te zetten die zich met dit thema gaat bezighouden. Die zich ook na afloop van het onderzoek blijft inzetten voor de inzet van ervaringsdeskundigen bij suïcidaliteit en het bestrijden van stigma rondom dit thema. Wat mij betreft kan die werkgroep niet snel genoeg aan de slag gaan. Er is nog veel werk te verrichten.